logo

Presentatie Rotterdams Jaarboekje

do 8 oktober 2026

Graag nodigen we u uit voor de presentatie van het Rotterdams Jaarboekje 2026 op donderdag 8 oktober 2026 in Theater Walhalla aan de Veerlaan op Katendrecht.

Het programma is als volgt:

  • 16.00 – 16.30 uur – Inloop met koffie / thee
  • 16.30 – 16.35 uur – Welkomstwoord en toelichting op het programma door Ton Wesselink, voorzitter Historisch Genootschap Roterodamum
  • 16.35 – 17.40 uur – Het Jaarboekje 2026 in het kort, door Erika Hokke, hoofdredacteur Rotterdams Jaarboekje
  • In memoriams 2025 in vogelvlucht
  • Lezing door Joost van Maaren, directeur Schone & Circulaire Stad van de gemeente Rotterdam over de stadsreiniging van vroeger, nu en in de toekomst.
  • Overhandiging eerste exemplaar.
  • 17.40 – 17.45 uur Afsluiting
  • 17.45 – 18.30 uur Receptie

Aanmelden

Helaas is het maximum aantal aanmeldingen voor de presentatie van het Rotterdams Jaarboekje 2026 bereikt. We zien u graag bij een volgende gelegenheid.

 

Locatie

  • Locatie: Walhalla, zaal Metro, Veerlaan 11, 3072 AN Rotterdam
  • Datum: Donderdag 8 oktober 2026
  • Inloop ​​16.00 uur. Aanvang ​16.30 uur. Einde ​​18.30 uur

Meer over het Jaarboekje 2026

‘Elke tijd is overgangstijd’, schreef de Utrechtse historicus Hermann von der Dunk (1928-2018) ooit. Dit jaarboekje illustreert die stelling meermaals. In het openingsessay beschrijft Christ Klep beeldend hoe na jaren waarin het vooral over ‘efficiëntie’ ging, sinds kort ‘veiligheid’ weer een thema is in de Rotterdamse haven. En dan niet veiligheid op het vlak van de werkomstandigheden, maar veiligheid in militaire zin, als weerbaar zijn tegen grootschalig geweld. Het gevolg is dat de Maasvlakte nu serieus in beeld is als plek waar Defensie in de toekomst munitie en materieel kan gaan opslaan, en waar de mariniers hun amfibische landingen kunnen oefenen.

Elders in dit jaarboekje vertelt Frank de Kruif over een reeks tegeltableaus met afbeeldingen van veldslagen en legeraanvoerders uit de Tweede Boerenoorlog (1880-1902). Die hingen lange tijd in een pand in het Oude Noorden, maar maken inmiddels deel uit van de collectie van een museum in Zuid-Afrika. De lotgevallen van die tegeltableaus weerspiegelen hoe de Nederlandse kijk op Zuid-Afrika in de loop van de twintigste eeuw veranderde, van positief naar steeds kritischer.

Mayke Groffen reconstrueert in haar bijdrage de bedrijfsgeschiedenis van B. van der Sluys, een in vergetelheid geraakte Rotterdamse importeur, exporteur en fabrikant van conserven. Aan de hand van verpakkingsmateriaal en reclame-uitingen laat zij zien dat de ontwikkeling van het bedrijf naadloos past in het grotere verhaal van de voedingsmiddelenbranche tussen 1880 en 1940. Onder invloed van allerlei technische en organisatorische vernieuwingen kreeg die in deze jaren een sterk industrieel karakter. In het verlengde daarvan gingen voedingsproducenten op zoek naar nieuwe klanten, onder wie de Nederlandse huisvrouw.

Dit jaarboekje vangt Von der Dunks stelling niet alleen in woorden, maar ook in beeld. Aan de hand van foto’s en affiches schetst Frank Kenselaar de geschiedenis van de stadsreiniging sinds 1876. Zijn beeldessay laat onder meer zien hoe de door paarden voortgetrokken vuilniskarren geleidelijk plaats maakten voor de elektrisch aangedreven wagens van nu, en hoe we via de zinken vuilnisemmer en de grijze afvalzak bij de hedendaagse ondergrondse container zijn uitgekomen. Kortom, ook in de vuilverwerking is de afgelopen 150 jaar niets hetzelfde gebleven.